De laatste dag in Hawaii vertrok mijn vliegtuig pas laat, terwijl de meeste andere mensen die ik kende en had leren kennen op de conference allemaal al 's morgens of de dag ervoor vertrokken waren. Die dag had ik dus maar een auto gehuurd om het eiland wat te verkennen, onder andere het huis van Magnum P.I. gezocht. Het toeristische praatje laat ik nu even achterwege, hoewel de natuur er wel degelijk indrukwekkend is (het is daar waar ze Jurassic park opgenomen hebben). Het was de eerste keer dat ik regenwoudbegroeiiing zag, of toch iets wat er op leek, bijzonder dreigend. Maar ik ben nu eenmaal iemand die bij het zien van natuurschoon iets heeft van "interesting. Next!" en niet de behoefte heeft zijn lier boven te halen en de schoonheid van het avondrood te bezingen. Anyhow, de hele dag dat ik rondreed had ik een onbestemd gevoel van onbehagen dat ik niet kon thuisbrengen. Ik was niet echt melancholisch omdat ik naar huis moest, het was wel mooi geweest zo. Ik keek wel wat op tegen al het werk dat thuis op me wachtte, maar daar heb ik onderhand wel mee leren omgaan. En de eerlijkheid gebied me te zeggen dat de Hawaiaanse zon en mijn lichte kater ook geen koningskoppel vormden, maar ook dat was geen unicum. Maar toen ik op een verlaten strand ergens aan de noordkust met mijn voeten in het water stond terwijl het laatste daglicht langzaam vervloog viel me plots iets te binnen. Er was op het hele eiland niemand die ik kende. Er was niemand in een straal van duizenden kilometers rond mij die wist wie ik was. Roxy was al lang terug in LA en de andere mensen die ik had leren kennen tijdens de conference waren ook al terug vertrokken. Afgezien van een paar jongens uit de artilerie ("we shoot really big bullets") die in Hawaii gestationeerd waren en met wie ik de avond voordien een paar uur een toog en long island ice teas gedeeld had (en gezien hun vergevorderde intoxicatie denk ik niet dat ze nog in staat zouden zijn zich veel te herinneren van die avond), was er niemand die me van naam kende. Ik moest aan die arme Boudewijn Buch denken en zijn boek over de absolute eenzaamheid en vuurtorens dat hij ooit een geschreven had. Indertijd vond ik die idee fascinerend, maar nu vond ik het plots bijzonder eng en kil.
Oh lonsome you !
Bas,
ik ken het gevoel...
ik heb ooit eens moederziel alleen om 8 uur 's morgens op de Acropolis in Athene gestaan .
De indrukwekkende geschiedenis van de stenen waarop je staat, de zonsopgang, het Parthenon met uitzicht op de "agora" , Plato en Paulus, de mistige ruisende stad op de achtergrond...
de ervaring was zo overweldigend dat ik me grenzeloos eenzaam voelde en inwendig heel hard op moekè geroepen heb !
's avond speelde Club 1-1 tegen Panathinaikos -en was geplaatst voor de volgende ronde - we konden het stadion niet uit omdat de helleenen met flessen naar onze kop gooiden...
die avond heb ik handtekeningen van de spelers voor jou verzameld (heb je ze nog ?) Birger Jenssen, de "Butina" uit die dagen heeft me-samen met een slokje Uzo- daarbij geholpen !
Tussen haakjes: vertel eens eens wat meer over je "Paper" : inhoud, presentatie, en hoe is het verlopen en wie en hoevelen waren er, heb je die mensen van Leuven , Gent gesproken ... kortom een verslagje van de reporter ter plaatse...
ps van moe:
ik ken dat eenzaamheidsgevoel óók: toen ik na de bevalling van m'n derde zoon 's avonds helemaal allen in mijn bedje lag ... maar gelukkig lag jíj toen naast mij...