Het fijne van het internet is dat als iemand uit een ver verleden mijn naam in google intikt hij misschien met enig geluk op mijn blog terechtkomt.
Het vervelende aan het internet is dat als iemand uit een ver verleden mijn naam in google intikt misschien met enig ongeluk ook op deze blog terechtkomt. Dit laatste was dus deze morgen het geval. Iemand die het niet
zo goed met mij voor heeft -allicht een gefrustreerde student die me in diskrediet wil brengen- liet hier een lange comment na (die ik verwijderd heb) deze morgen met een hoog jerry springer en laag waarheidsgehalte. Vandaar dat ik dus even de comment functie uitzet. Jammer, want ik vind die feedback wel fijn, maar ik zet hem later wel weer aan, of verzin iets anders, een gesloten forum of zo....
Als het met die verhandeling wordt, kan ik nog altijd dit doen om een boterham te verdienen. Een radiostation hier organiseerde een wedstrijd -om het langst op de roetsjbaan zitten. Na een dag of 11 was er uiteindelijk een winnaar.
Het deed me toch wel wat, zaterdagmorgen, toen ik teletekst raadpleegde en las dat Ceulemans terug naar club komt. Mooi toch, dat hij zegt, "dit is thuiskomen," of D'hooge die laat noteren, "Club is vandaag wat meer Club geworden." Let the good times roll. De rest van mijn zaterdag was minder heugelijk, volgens Heather was het tijd voor de grote schoonmaak, wat de hele namiddag in beslag nam, wat een slavenbestaan! Toen ik later een verjaardagskaart ging kopen voor een vriend vond ik bij toeval deze toepasselijk kaart voor Heather. Als grap, natuurlijk, en met alle respect voor de huismoeders van deze wereld.
Soit, hier zijn mijn favoriete Caje momenten, al dan niet in levende lijve meegemaakt.
1. Zijn laatste wapenfeit, in de gietende regen vanop de stip de 3-1 binngeknald tegen KV mechelen, in de bekerfinale van '91 (?).
2. ('86?) Terugwedstrijd halve finale van de beker van Belgie, tegen KV Mechelen, dat toen zijn weg richting top aan het inzetten was. In Mechelen was verloren (3-1 denk ik), thuis moest gewonnen worden, het was een echte cupmatch, waarin de kwalificatie met veel moeite werd afgedwongen. Ceulemans scoorde met een verschroeiende vlam recht in de winkelhaak van ver, heel ver, buiten het strafschopgebied. (misschien bedriegt mijn herinnering me hier een beetje). Ik denk dat dat het jaar was van de verloren testmatchen en de broskop van Van de Walle. De hoogdagen van de Assubel boys.
3. De 3-0 tegen Uruguay in Itialia 90, nadat Gerets met rood was weggestuurd scoorde een geprikkelde Caje vroeg in de tweede helft de 3-0. Het was vooral mooi omdat Thys het toernooi was begonnen met Ceulemans op de bank. What was he thinking? En De Sadeleer:
"En Ceulemans die gaat scoren. jaahaaaaaaa. ja vergeef me, maar wat wil je, je staat met tien man 2-0 voor en wat doet den ouwe? die scoort zelf...."
4. Club Dortmund, Dec. 87, (het was bitter koud, en ook midden in de examens, wat deden wij in Olympia?). De meest memorabele wedstrijd van het Europese mirakeljaar, de match van Ronny Rosentahl ook. Diep in de tweede helft scoort caje het verlossende derde doelpunt dat de deur naar de verlengingen openzet, maar de scheids keurt het om onbegrijpelijke redenen af. Volgens hem had Ceulemans geduwd, volkomen onzin. De anders altijd kalme Caje goes beserk als hij merkt dat het feest niet doorgaat, chargeert richiting scheidsrechter en geeft hem een forse kwak. 10 keer rood. Maar als je de TV beelden bekijkt zie je hoe die arbiter helemaal overdonderd is door de furie van Ceulemans (en de onversneden haat van 30.000 half bevroren supporters) en simpelweg geen rood duft te geven. Danig ontredderd heeft hij toch nog halfslachtig Jan een geel karton onder de neus geduwd, maar vijf minuten later legde hij de bal wel op stip na een duik van Rosentahl.
5. Zomer van 95 of zo. Als jobstudent verkoop ik ijs op het strand van De Panne ("Frisco! Cornetto! Choco Stiiiiiiiiiiiick!!"). Ik word gewenkt door een reus van een kerel die me toeroept "edde gij cremekes?". Het was the man himself, mijn jeugidool, die een choco stick voor dochterlief van mij kocht. Ik heb er nog steeds spijt van dat ik hem effectief die 45 fr heb doen betalen. Na al die mooie momenten die hij mij gegeven had kon ik hem niet eens een cremeke van 45fr cadeau doen. Ik had natuurlijk gewoon mijn bak voor zijn neus moeten zetten en hem laten toetasten: "my ice cream is your ice cream, Jan." ik was allicht een beetje star struck. Ik heb hem wel nog veel succes gewenst het komende seizoen met Aalst, waarmee hij Club het jaar voordien uit de titelrace geslagen had. (De Bilde wist tegen Club een onmogelijke goal te maken, terwijl hij tegen Anderlecht waar hij het volgend jaar zou spelen open kans na open kans de nek omwrong.)
Zag net op de Standaard site dat er momenteel een hittegolf is in Belgie (ik zie in gedachten een bezorgde Frank Deboosere zwangere vrouwen, bejaarden en kinderen aanmanen het rustig aan te doen), hier is het vandaag ook stikheet, momenteel 36 graden, maar er is wat afkoeling in zicht. Wie zal er hardst zweten de volgende dagen, jullie in Belgie of ik hier? (werkzweet telt niet mee)
Met mijn soccer team, de Swamp Dragons, gaat het ondertussen van kwaad naar erger, vierde nederlaag op rij. Vijf minuten voor het einde nog 3-2 voor, na negentig minuten 4-3 verloren. vooraan dribbeltalent zat, maar de verdediging is lek als een zeef. voor een sympathieke waterdrager als ondergetekende blijft het ijverige geploeter op het middenveld zonder resultaat.
Kent iemand Soul Asylum nog? Van het monsterhitje Runaway Train en daarna een lange tijd niks meer. Waarvan de zanger volgens Rudeboy R. van de Urban Dance Squad op een wandelende pleeborstel leek... Soul Asylum is samen met Babes in Toyland en The Jayhawks een beetje de exponent van het succes van de minneapolis music scene van de vroege-midden jaren negentig. Vorige vrijdag is de bassist van Souls Asylum aan keelkanker overleden, beetje triest. Ik meen me een tijd te herinneren, niet zo lang geleden, waarin de enige popsterren die stierven uit mijn ouders tijd waren. De generaties schuiven...
zaterdag zijn Heather en ik afgezakt naar Faribault, waar haar halfzus, moeder en stiefvader wonen, ter ere van de "heritage days." Faribault is een typische "blue collar" town, een arbeidersstad van zo'n 20.000 duizend inwoners een uurtje ten zuiden van hier, en dit weekend was het feest in de stad. Ieder jaar zet de stad immers een bapaalde "heritage" in de kijker, een begrip waar ik niet zo meteen een gepaste vertaling voor vind, maar het komt er op neer dat een land van afkomst in de schijnwerpers wordt gezet. Hier in Minnesota komt dat meestel neer op het vieren en herdenken van de Scandinavische of Duitse roots en tradities, maar in Faribault is ook Mexico al eens aan de beurt geweest. Dat is wel een beetje verwonderlijk, want Faribault is niet meteen het schoolvoorbeeld van geslaagde integratie, en is een beetje een triest voorbeeld geworden (voor bepaalde media althans) van hoe integratie in de blanke upper midwest niet zo vanzelfsprekend is. Het laatste decennium zijn veel Mexicanen naar Minnesota gekomen, en sinds sept 11 is vooral het aantal illegale Mexicanen gestegen. Voordien verbleven ze liever dicht bij de grens om af en toe eens een bezoek aan het thuisland af te leggen, maar door de stengere grenscontroles riskeren ze dit niet meer en is er dus ook geen echte reden om dicht bij de grens te bivakeren. Naast de Mexicanos zijn er in de laatste tien jaar of zo ook nog eens een groot aantal Somalis in Faribault neergestreken. Faribault is een gemeenschap die al betere tijden gekend heeft, traditioneel bijna volledig blank nu veel diverser, vele bedrijven trekken er weg, nieuwe bedrijven komen niet in de plaats. En in gemeenschappen waar het collectieve zelfbeeld niet al te positief is, is integratie vaak nogal problematisch, zo ook in Faribault, tot op zekere hoogte.
Heathers half zus zit in het voorlaatste jaar middelbaar, een typische amerikaanse tiener, ze ziet er goed uit en is duidelijk populair op school, en hoewel ze best wel een aardig kind is, valt het me op dat ze "us versus them" terminologie hanteert als ze het over de andere etnische groepen in haar school heeft. En dat is allicht meer een afspiegeling van de realiteit binnen de schoolmuren dan een uitdrukking van racisme. Eens sprak Heather haar hier op aan, maar ze antwoordde daar eigenlijk heel nuchter op, iets in de trant dat ze best wel met "hen" overeen wilden komen, maar dat er eigenlijk niet zo veel was wat ze gemeenschappelijk hebben. En in een wereld waar het verkeerde kleur van teennagellak al sociaal ostracisme tot gevolg heeft is het allicht moeilijk een common ground te vinden met "them." Tja, je kan dan wel wat preken afsteken, maar je kan moeilijk verwachten van een tiener dat ze de wereld gaat verbeteren.
Maar de heritage days zijn dus een weekend van feestelijkheden met als orgelpunt een grote "parade" op zaterdag. Spijtig dat ik mijn fototoestel niet bij had, want de optocht was best wel komisch, een spektakel van Americana. Een bonte mikmak van brandweerwagens, monster trucks, schoolorkesten, lokale politici, het plaatselijke mannenkoor, gigantische Amerikaanse vlaggen, oorlogsveteranen ("please stand up for our veterans"), cabrios met missen die uit de hele staat waren ingevoerd (en synchroon, parelwitte tanden bloot lachend, professioneel de massa toezwaaiden),... alles wat wielen had, flikkerde of lawaai maakte werd in de parade opgevoerd. Niets dan lachende gezichten, wat hebben we het hier toch goed in the greatest city of the greatest state of the greatest nation of the world. Of dit nu een rituele vorm van populistische collectieve zinsbegoocheling is die het intellectuele en culturele bakroet van Amerika blootlegt (eventjes de cultuurkritische toer op....) of integendeel een essentieel onderdeel van een gezonde politieke cultuur omdat het gemeenschaps- en burgerzin aanwakkert dat laat ik nu even in het midden. Wij hebben natuurlijk ook wel onze wijkfeesten, maar de heritage days in Faribault, waar de gemeenschap als zodanig wordt bezongen, lijkt me toch wat te verschillen dan het drankfestijn Kalberg Ommegang (opvallend, geen alcohol te zien op de heritage days, verboden in het openbaar te drinken, enkel in een afgebakende zone kon er alcohol verkregen worden), maar dit is voer voor een thesis in vergelijkende culturele antropologie. Maar toch, een tafereeltje dat ik mocht aanschouwen afgelopen zaterdag warmde dit cynische hart een beetje op, en verzoende me enigszins met de hele ervaring (true confession, mijn aanwezigheid daar was het resultaat van niet zo zachte dwang vanwege Heather). Na een uur geparadeer was ik even wat verderop in de schaduw gaan staan, en stond hoofdschuddend naar een praalwagen met polka dansende bejaarden te staren ("how I dearly wished I was not here"), toen een paar meter van mij vandaan een Mexicaanse vader met zijn twee zoontjes, eentje van een jaar of vijf en eentje van een jaar of twaalf voorbij kwam gewandeld. Kort achter hen liep een ietwat oudere maar vervaarlijk uitziende biker dude. Lang grijs haar, snor en baard, cowboy hat en harley davidson T-shirt, tatoos en biker boots. Een kerel die er uitzag alsof hij met veel plezier een barstoel op je kanis zou stukslaan gewoon omdat hij er zin in heeft. Plots riep hij naar de Mixicaanse vader, die er als een alleraardigste kerel uitzag,: "hey is that your kid?" terwijl hij naar zijn twaalf jarige zoon wees. De vader gebaart alsof hij hem niet hoort. Dan opnieuw, luider, "hey, man, is that your kid?" Hoofden draaien, spanning stijgt, dit loopt niet goed af, voel je velen denken. Uiteindelijk draait de vader zich om, en bevestigt. "I just wanted to tell you what a great kid you have, he was standing next to me for a while and was sharing all his candy (vele van de parade gangers gooien snoep naar de toeschouwers), very nice kid, you did a great job raising that one" zegt de biker guy. Beetje klef misschien, maar ik vond het echt een hartverwarmend tafereeltje, de vader wist niet goed wat zeggen maar was zichtbaar verheugd met het compliment, bedankte en aaide zijn zoon even over de bol, en vervolgde zijn weg. Ik probeer aan de verleiding te weerstaan om te vervallen in Pater Versteyelen en Bond-Zonder-Naam cliches over hoe een klein gebaar kan bijdragen aan een betere wereld, maar toch, het was een inspirerend moment. Ik vroeg me af of zoiets in Belgie ook mogelijk zou zijn, dat iemand tijdens de Gentse Feesten een Turkse vader achterna zou lopen, enkel en alleen om hem een complimentje te geven over zijn zoon. Ik betwijfel het. En dat hele naieve feel-good Amerikaanse optimisme en opgeklopte zelfverheerlijking van de heritage days leek opeens lang niet zo belachelijk meer.
Gisteren voor het eerst sinds lang nog eens een concertje meegepikt, van eneTed Leo and the Pharmacists, in Belgie allicht onbekend, maar hier blijkbaar toch ietwat populair in de alternative scene. Ik had er nog nooit van gehoord, maar mijn vriend Petter ging er naar toe, en een van mijn email contacten die ik overgehouden heb een dat colloquium van vorige maand had het me warm aanbevolen Eigenlijk was ik liever naar het concert van Stephen Malkmus, ex frontman van Pavement, geweest vorige zondag. Hun fantastische Slanted and Enchanted was het eerste album dat ik kocht op Amerikaanse bodem, en dat is achteraf bekeken een goede keuze geweest. Op een of andere manier is het voor mij een beetje een muzikale uitdrukking van wat Amerika zo'n fascinerend land maakt. Maar uiteindelijk ben ik er zondag niet geraakt, en heb ik in plaats van Malkmus een Hollywood comedy gezien: The Longest Yard, flinterdunne en wat domme komedie, maar toch wel ietwat grappig en onderhoudend. Van Ted Leo kan jammer genoeg niet hetzelfde gezegd worden, ik vond het een beetje boerenkoolmuziek, maar het is altijd moeilijk om een optreden echt naar waarde te schatten als je niet vertrouwd bent met de muziek.
nog vakantiekiekjes: een en twee drie en eentje van mijn favoriete stekje
Woensdag met Petter en Pascal nog eens naar de Hexagon afgezakt, waar DJ Jake Rudh iedere woensdag plaatjes draait, voornamelijk Britpop en independent stuff. Hij is een ex lief van een vriendin van Heather en zowat de Clement Peerens van de plaatselijke music scene. Een beetje een gladde rakker, altijd handjes schudden, praatje maken, en weer verder, maar ik mag hem wel, en zijn liefde voor muziek valt niet te betwisten. Vorig jaar was ik een trouw bezoeker van zijn transmission avonden. Maar sinds hij uitgeweken is naar de Hexagon, een beetje verder weg (vroeger draaide hij in een café downtown) en nu Heather terug is uit Belgie etc etc heb ik nog maar weinig transmission avonden bijgewoond, Maar vorige woensdag was er een Morrissey verjaardag party, een geschikte gelegenheid om de draad weer op te nemen. Het was het gebruikelijke recept van bij zo’n gelegenheden, een paar Morrissey epigonen die met hun gat stonden te draaien op de tonen van Last Night I Dreamt That Somebody Loved Me, maar het was best gezellig. Er was zelfs een exemplaar dat een email lijst liet doorgaan aangaande een Smiths cover band die hij rond zijn persoontje wilde optrekken. Hij oefende alvast wat door zich Morrissey gewijs druk gesticulerend over de dansvloer te rollen. Tikkie bizar.
Jake heeft ook altijd wat promo materiaal ter beschikking dat hij iedere week verloot, en ik weet niet waarom, maar ik win bijna altijd. Geluk, of toch niet, want soms durft Jake de loting wel wat “leiden.” Dan roept hij je naam af terwijl hij eigenlijk iemand anders uit de hoed getoverd heeft. Maar hij laat het je altijd wel weten, dan toont hij het kaartje waarop iemand anders naam staat, en zegt hij met een knipoog “that’s you isn’t it?” Woensdag had ik weer prijs. Aanvankelijk had ik nochtans met pech af te rekenen, hij draaide een nummer en wie het eerst de titel ervan kon geven won een CD. Het nummer was “always the sun” van the stranglers, wat ik wist (waarom weet ik niet, want ik ken die groep niet echt, maar ik denk dat een van mijn broers destijds weg was van dat nummer en ik heb dat om een of andere reden onthouden. Stijn: was dat geen nummer waar je tijdens de examens naar luisterde?), maar ik was jammer genoeg net aan de bar aan de andere kant van het café een rondje aan het bestellen, dus dat schip zeilde aan mijn neus voorbij.
Maar bij de eerste lottrekking had ik prijs, een DVD van Morrisseys verjaardagsconcert in Manchester van vorig jaar: who put the Who put the M in Manchester. Toen Jake mijn naam afriep (ik had echt gewonnen dit keer) voegde hij er aan toe: “there could not be a more deserving winner, this guy is the biggest Morrisey fan ever.” Gezien het feit dat vijf minuten voordien een Morrissey fan nog molenwiekend en met getormenteerde uitdrukking over de dansvloer aan het kruipen was, ben ik niet zeker of dit wel een compliment was, maar soit. De DVD is fantastisch,
by the way, maar daar heb ik het later nog wel eens over.
Hoe ik aan dat mooie kleurtje op mijn bovenarmen ben gekomen? De schuldige is de lazy river , waar ik de eerste dag wat te lang in rondgedobberd heb.
Hier nog een kiekje van ons kamerzicht en eentje van geposeerde vakantievreugde in een Cubaans restaurant, (na enig zoekwerk gevonden) waar je na afloop van de maaltijd je naam om de muren mag schrijven. Heather was daar ooit al eens met haar ex-lief geweest, die zijn naam staat daar ook nog ergens op de muur gekrabbeld. Gelukkig neem ik altijd een potje tipp-ex mee op vakantie.
Mexico was great, en wat beter is, ik ben met een mooi kleurtje op mijn armen uit het land der Azteken teruggekeerd!
